Dag 16 | Etappe 15 | Crest | 59,3km | 1276,1km
![]() | ![]() |
Quatorze juillet is alweer voorbij en al met al stelde het maar weinig voor. In Meyrieu vertelde de campingbaas mij ook al dat het niet overal een groot feest is en dat veel fransen er weinig om geven. Om zeven uur ben ik op en ontbijt weer eens met pap. Ondanks dat ik nog koortsig ben en last heb van mijn oor en keel, wil ik vandaag wel verder fietsen, of dat in elk geval proberen. Vandaag maar veel fruit eten. Na mijn ontbijt maak ik kennis met een ouder Engels echtpaar uit Lancashire dat hiernaar toe gevlucht is uit een nog heter Italie. Om half elf zit ik op de fiets en neem me voor heel rustig te beginnen en zeker in de klimmetjes voorzichtig aan te zetten, in elk geval niet in het rood rijden vanwege de keelontsteking. Het lukt me redelijk om te blijven fietsen ook al gaat het in een laag tempo. Vlak voor Romans-s/Isere heb een verre blik op de toppen van de Vercors, het is indrukwekkend om daar op af te fietsen. Bij het binnenrijden van Romans stop ik bij een bar-tabac om een telefoonkaart te scoren. Eergisteren in Thoirette had ik tussen de bergen totaal geen ontvangst, terwijl er naast de camping een telefooncel stond. Tja, die goede oude POTS, nog steeds onmisbaar. Aan een van de tafeltjes in de bar zitten mijn vriendinnen Sharon en Griet te genieten van een biertje, voor twaalf uur notabene! Ze zaten om half zeven in Faramans op de fiets en hebben er al een behoorlijke tijd op zitten.

Het ritme begon er bij mij net lekker in te komen, dat pak ik snel weer op. Die dames zie ik misschien straks nog wel ergens, mijn tempo ligt vandaag mogelijk ver onder het hunne. In het centrum van Romans scan ik of er een internet café is maar ik kan het niet zo snel vinden. Wel pin ik even en maak nog een omweggetje door wat winkelstraatjes. De drukte hier en de kleine straatjes, hellinkjes, terrasjes en winkelende mensen geven me een fijn gevoel. Hier gebeurt wat, het leven is er zonder dat ik er veel voor hoef te doen. Romans is de eerste echt grote stad die ik tegenkom sinds ik vorige week Lunéville verliet. Ik wijk nog even van de route af en kom dan bij de rivier uit, waar S&G ook net aankomen fietsen. Ze vermoeden dat ik uitgebreid geshopt heb. We rijden een tijdje samen op. Bij een perzikgaard voorziet Sharon ons van verse perzikken die heerlijk sappig smaken. Ik eet er 1 op en bewaar er twee in mijn helm. Slecht plan: na een half uurtje hobbelen zijn ze tot moes geworden en druipt het sap door mijn helm over mijn frame en mijn remmen. Het wordt er allemaal lekker plakkerig van.

De klimmetjes kosten me vandaag erg veel moeite. Ik heb er de kracht niet voor om lekker naar boven te rijden. Aanzetten lukt gewoon niet en ik ben blij dat er geen echt steile hellingen bij zitten. Dan zou ik moeten opgeven. Een 34 blad achter zou nu veel uitkomst bieden. Elke klim rijden de dames mij er zonder moeite af. Zolang ik bovenkom ga ik door. In Besayes stoppen we voor de lunch, het is één uur. De dames mikken op Chabeuil, ik laat het van mijn staat van ontbinding afhangen. Het is nog vroeg, misschien komt de vorm vandaag nog terug. Met Sharon praat ik al een paar dagen over de mogelijkheid om de Ventoux in de route op te nemen. Telkens wanneer het daarover gaat beginnen haar ogen te fonkelen. Griet ziet het niet zitten maar wil voor Sharon's plezier graag omrijden, want het is wel van de route af. We moeten dan ook rekening houden met twee extra dagen om in Sts. Marie te geraken. Met Sharon zou ik zondermeer de Ventoux op willen rijden, ze is een echte klimgeit. In Chabeuil overleggen we over de rest van de dag. Ik wil graag naar Crest, da's nog ruim 20km met behoorlijke accidentatie, zo'n twee uur. Ik heb 35 km in de benen en begin net een beetje in vorm te raken. Zij zijn al een dag onderweg, 80km in de benen en een beetje moe, ze zoeken de camping in Chabeuil op. Nog een keer haal ik mijn detailkaarten uit mijn tas en we bekijken gedrieen de mogelijkheid van een beklimming van de Ventoux. Sharon ziet er toch vanaf, Griet zou niet mee omhoog fietsen en dan zou zij zich bezwaard voelen als Griet op de camping bleef. Jammer, maar begrijpelijk.

Chabeuil ligt er mooi bij hier rond de oevers van la Véore. Zo te zien een rijk stadje, bij binnenkomst is er een behoorlijk fietspad rechstreeks naar het centrum! Uniek in Frankrijk. Ik aarzel nog even in het centrum, misschien toch maar hier blijven? Nah, ik ga fietsen! Keel en oorpijn zijn wat afgenomen, ik voel me redelijk fit. Toch heb ik wat angstige gedachten over de komende klimmetjes. De tekst uit het route boek: "enige korte venijnige klimmen" doet het ergste vrezen. Geen lange klimmen waarin ik in een rustig tempo langzaam omhoog kan zonder al te veel druk op de pedalen, maar korte steile klimmetjes die een aanslag vormen op de kracht, het uithoudingsvermogen en het welbevinden. Het valt inderdaad niet mee en het aantal rustpauzes neemt snel toe, net als gisteren. Toch voelt het beter, ik eet en drink meer - daar had ik gisteren soms ook geen zin meer in - en rust bewust. Hier en daar staan wat sproei installaties die een verkoelend effect hebben, al is het maar voor even. Crest binnenrijdend voel ik me weer helemaal ok, ik heb het gered! Om 4 uur sta ik op de camping in het achteraf bosje voor fietsers. Het doet een beetje aan alsof dit de afwerkplek van de camping is. Mijn slaapplaats grenst aan sportvelden. Maar hopen dat ze hier morgen niet al te vroeg de zondagochtend amateurs laten voetballen.

Bij een al wat donker wordende lucht fiets ik naar het commercieel centrum van Crest: Brico Marche, Intersport, Intermarche. Daarnaast nog wat onduidelijke gelegenheden, iets met auto's enzo. In de Brico ga ik op zoek naar een sleutel 16 voor mijn achteras. Uiteraard scan ik het hele assortiment en dat valt niet tegen. Wat ze nog missen is een goede airco en voldoende cassieres. Hierna naar de Intersport voor, ja voor wat ook eigenlijk weer? Handschoenen, een nieuw shirt, een nieuwe broek, misschien een petje of een zonnebril? Hmm, het koop virus steekt de kop op, even recapituleren: mijn matje is stuk en ik heb een nieuwe nodig, daarvoor ben ik hier! Al dagen slaap ik op een combinatie van een dun schuimrubber matras en het kapotte inflatable matje, mijn rug begint zeer te doen. De keus in matjes is hier beperkt: 2 verschillende, beiden zelf-opblaasbaar, de kleinst opvouwbare neem ik mee. Loop toch nog even langs het rek met fietshandschoenen en scoor een paar gele, past mooi bij de tassen. Ik ben blij met het hoge slagingspercentage van aankopen vandaag. Vaak ben ik wel een paar dagen bezig met het aanschaffen van de zaken die ik nodig heb. Óf er zijn geen winkels, óf het assortiment is erg beperkt, óf het aangebodene is van inferieure kwaliteit. Vandaag is het gelukkig anders, dat maakt de dag extra goed! Zo en nu het echte werk: boodschappen. Ik begin al trek te krijgen en dat is fijn wanneer je boodschappen gaat doen. Dan kom je in elk geval met voldoende etenswaren terug. Toch ook hier een minpuntje: de bananen zijn op, net als de afgelopen dagen elders. Het blijkt dat er in een Frankrijk een tekort is aan bananen, waarom is onduidelijk. Omdat deze supermarkt ook morgenvroeg - op zondag - open is en op de route ligt, laat ik de boodschappen voor morgen voor morgen.
Wanneer ik buiten kom, is de wereld veranderd in een wervelwind. Een pikzwarte lucht, mensen die zichzelf schrap zetten, kleine boompjes die buigen tot aan de grond en omvallende reclameborden. Even is de natuur niet zo aangenaam. Ik haast me om alles in de fietstassen te proppen en in vliegende vaart met de wind in de rug - dat dan weer wel - sjees ik naar de camping terug. In het tenten bosje ontwaar ik bekende fietsen en even later ook mijn belgische maatjes. Sharon en Griet vonden het maar niks in Chabeuil, de camping was onvindbaar, en ze zijn dus maar naar hier gereden. Wanneer zij naar het restaurantje van de camping lopen voor een pizzaatje, begin ik met koken en eten. Daar ben ik nog mee bezig als zij terugkomen. Inmiddels regent het behoorlijk en ik heb mijn keukentje verplaatst naar de ingang van de tent. Ik zit binnen en de brander staat net buiten de tent. Griet vind het een komisch gezicht maar heeft ook een beetje medelijden met me. Het eten smaakt me er alleen maar beter door. We kletsen wat terwijl ik droog binnen zit - haha! - en wensen elkaar alvast een goede nacht.

Nadat ik mijn bord helemaal leeg heb gegeten, loop ik naar de bar van de camping, eet een franse magnum - natuurlijk hebben ze die nagemaakt - en scan even de krant onder het drinken van een espresso. In het sportkatern bekijk ik het routeschema van die andere tour. Griet vertelde dat zij morgen in Taulignan - daar komt het peleton doorheen - Tom Boonen willen gaan zien. Volgens de krant is dat om 13.29u. Dat betekent met 40 km, twee klimmen van 7 km (beide ruim een uur), de hitte en de nodige pauzes, voor half tien vertrekken uit Crest. Daar komt bij dat de weg tussen Begude en Taulignan wordt afgesloten, vermoedelijk alleen voor auto's maar je weet maar nooit met die Fransen. Alweer kruis ik die andere tour en alweer hoop ik geen last van ze te hebben. Ik overweeg de mogelijkheid ook even te gaan kijken morgen en laat dat dan maar in het midden: ik pas mijn schema niet aan en haasten is ook niet mijn ding. Als ik morgen op tijd weg ben en het komt zo uit dan zal ik die andere tour zien, anders niet. Voor de smaak, om het diner af te ronden, tegen de verkoudheid - huh - en om de ziektekiemen uit te dagen drink ik een whiskey. Hoop maar dat dit niet te overmoedig is en ik morgen weer zieker ben. Nu voel ik me - ondanks het snotteren - goed, het herstel is zeer vlot verlopen. Nog even de afwas, het bijwerken van mijn log en dan tevreden mijn bedje in. Lekker het nieuwe matras uitproberen en: morgen gezond weer op!
![]() | ![]() |



Geen opmerkingen:
Een reactie posten